Jeugdgroepen en geweld
Omschrijving
Uit de landelijke inventarisatie van hinderlijke, overlastgevende en criminele jeugdgroepen in de politiekorpsen, blijkt dat een aantal jeugdgroepen zich in toenemende mate schuldig maakt aan geweld en intimidatie jegens bewoners, ondernemers, andere jongeren en het bevoegd gezag. Dergelijk groepsgeweld wordt vanuit het lokaal bestuur en de wetenschap aangemerkt als voorbode voor een gewelddadige criminele carrière.
In 2010 en 2011 wordt een zestal gemeenten ondersteund bij het inventariseren en aanpakken van jeugdgeweld in groepsverband. Op basis van systeemkennis (politieregistraties) en straatkennis (praktijkervaring en -kennis van betrokkenen) wordt een aantal jeugdgroepen met gewelddadig karakter gedetailleerd in beeld gebracht.
Deze inventarisatie leidt in de eerste plaats tot een Risicotaxatie-instrument Groepsgeweld (RIG). Hiermee kunnen politiekorpsen en gemeenten op een standaardwijze jeugdgroepen in beeld brengen die zich schuldig maken aan provocatie, intimidatie, bedreiging en geweld, waarbij tevens aandacht is voor de ernst (het stadium) van het geweld.
Vervolgens wordt onderzocht welke effectieve interventiestrategieën er zijn voor de politie en andere betrokken ketenpartners. In het bijzonder wordt gekeken naar de bejegening van de jeugdgroepen door de politie (hoe moet de politie met de verschillende groepen omgaan en welke afspraken worden daarover gemaakt?) en mogelijke recherchestrategieën. Ten aanzien van de andere veiligheidspartners wordt onder meer aandacht besteed aan verschillende drang- en dwangmethoden, die kunnen worden aangewend om de jongeren te laten meewerken.
Opdrachtgever
Ministerie van Veiligheid en Justitie en het Programma Ontwikkeling Gebiedsgebonden Politie (POGP).
Projectteam
Balthazar Beke (Beke Advies), Edward van der Torre (Politieacademie), Eric Bervoets (Lokale Zaken), Yvette Schoenmakers en Henk Ferwerda (Bureau Beke)
